Traditionele methode

De traditionele methode, een kwaliteitsgarantie, onderscheidt zich door een tweede gisting op fles, aangevuld door een rijping op fust van minimum 15 maanden voor wat het Domein Chant d’Éole betreft.

De productie, het resultaat van oeroude knowhow, volgt een traditionele cyclus van oogst tot afsluiten van de fles. Op het Domein Chant d’Éole worden tijdens iedere fase moderne technieken gebruikt:

  • Oogst
  • Persing
  • In vaten plaatsen voor een eerste gisting tegen lage temperatuur en malolactische gisting
  • Filteren door koude-stabilisatie (-3°)
  • Bottelen met de fermenten nodig voor een tweede gisting, bottelen met kroonkurk
  • Horizontaal plaatsen op latten
  • Verwijderen van het depot uit de kroonkurk door bevriezen van de hals
  • Dosering en toevoegen van de ‘liqueur d’expédition’
  • Aanbrengen van de kurk
  • Aankleden van de fles

De juiste dosering

De dosering vormt een belangrijke stap in het bereidingsproces van schuimwijnen. De natuurlijke wijn wordt ‘verzacht’ door het toevoegen van een suikerachtige oplossing; ook wel ‘liqueur d’expédition’ genoemd.

De vermeldingen op de flessen verwijzen naar de dosering en hun uiteindelijke hoeveelheid suiker:

  • brut nature: geen dosering en minder dan 3 g suiker/ liter
  • extra brut: tussen 0 en 6 g suiker/liter
  • brut: tussen 6 en 12 g suiker/liter
  • extra-sec: tussen 12 en 17 g suiker/liter
  • sec: tussen 17 en 32 g suiker/liter
  • demi-sec: tussen 32 en 50 g suiker/liter
  • doux: meer dan 50 g suiker/liter

Het Domein Chant d’Éole biedt twee “brut” cuvées met een dosering van ongeveer 7,5 g suiker/liter. Deze schuimwijnen kwamen tot stand onder het goedkeurend oog van gerenommeerde oenologen en werden met succes getest op wijnliefhebbers.